|
In Control studie
Complicaties bij diabetes zijn het gevolg van
een bloedglucosespiegel die chronisch verhoogd is. Het
zelf controleren van de glucosespiegel in de urine of in
het bloed kan duidelijk maken wanneer de glucosespiegel
van patiënten met diabetes verhoogd is. Deze methode
wordt al geruime tijd met goed resultaat gebruikt bij
patiënten met type 1 diabetes, maar of dit ook werkt bij
patiënten met type 2 diabetes is niet zeker. In de “In Control-studie” wordt dit onderzocht.
Dit onderzoek
duurt 1 jaar en hiervoor worden 600 vrijwillige
deelnemers uit het Diabetes Zorg Systeem (DZS) die geen
insuline gebruiken, een leeftijd tussen de 45 en 75 jaar
hebben en een HbA1c van 7 of hoger op basis van toeval
verdeeld over 3 gelijke groepen:
| Groep 1 |
krijgt de speciale diabeteszorg
van het DZS en gaat één jaar lang
de bloedglucosespiegel meten. |
| Groep 2 |
krijgt de speciale diabeteszorg
van het DZS en één jaar lang de
urineglucosespiegel meten. |
| Groep 3 |
krijgt de speciale diabeteszorg
van het DZS. |
Elke deelnemer wordt één jaar
gevolgd. Hiervoor is er een meting gepland bij het begin
van het onderzoek, na 4 maanden en na 12 maanden. De
eerste en laatste meting vallen samen met de jaarlijkse
controle. Tijdens de metingen wordt onder andere het
gewicht en de bloeddruk bepaald en wordt men gevraagd
een vragenlijst in te vullen. Verder wordt aan de
deelnemers in groep 1 en groep 2 gevraagd of ze de
bloedglucosewaardes willen bijhouden in een dagboekje en aan
alle deelnemers wordt gevraagd om maandelijks een
kostendagboekje in te vullen. Dit laatste wordt gedaan
om te kijken of de methode geldbesparend is voor de
maatschappij. |